hasard, dat is “toeval”.

Door dr. K.D Goverts

In mijn gedachten kwam wat Neher schreef over toeval, als deel van het Verbond tussen God en mens. Ik dacht eraan toen we in Obernai waren, in de Elzas, en we rond-liepen waar André Neher in zijn kinderjaren gelopen heeft. We zagen de synagoge waar hij naar toe ging; het plein daarnaast is naar hem genoemd: Place André Neher. We bestelden cappuccino, in de Marktstraat no. 12,   12 Rue du Marché, dat was zijn geboortehuis; dit is nu een klein restaurant.

André Neher vertelt:

In Leviticus 26 staat de zegen, als de mens wandelt in het verbond met de Eeuwige. Als de mens dat niet doet: wat dan? Dan is er een sleutelwoord, dat zeven keer in dit gedeelte voorkomt: het woord qeri. קHet staat in vers 21 vers 23 vers 24 vers 27 vers 28 vers 40 vers 41

De Statenvertaling zegt : “als gij met Mij in tegenheid zult wandelen, zal Ik met u in tegenheid wandelen De Nieuwe Vertaling is niet altijd goed. Neher, de Joodse denker uit de Elzas, zegt: het woord qeri betekent: hasard, dat is “toeval”. En hij legt uit: hasard, toeval, is het sleutelwoord, de loper [sleutel die op alle deuren past] voor het onverklaarbare. Hij zegt: toen deed ik een ontdekking, die alles omzette. Als ik mij overgeef aan het toeval, aan hasard, dan is daarin niet meer aanwezig het element van wille-keur, het willekeurige. Dan is daarin het contract, het Verbond, dat de Eeuwige drieduizend jaar geleden sloot, dat God tot mij komt in de vele gezichten van hasard, van het toeval. Als de mens zich verbergt in het toeval, hasard, dan kiest de Eeuwige er eveneens voor, zich te verbergen in het toeval. Als je het Verbond kiest, zegt de Eeuwige, dan ben Ik bij je in het Verbond.  Als je het Toeval kiest, dan zal Ik bij je zijn in het Toeval. En dat wordt in Lev. 26 bezegeld door telkens het getal zeven te laten horen.

En in Lev. 26 komt het woord berit ברית zeven keer voor.

In Lev. 26 komt ook het woord qeri קרי toeval  zeven keer voor.

Neher zegt: dat is het Goddelijke Contract; en hij voegt eraan toe: deze uitdrukking is afkomstig van mijn vader, Albert Neher: le Contrat Divin. Neher verbindt deze gedachte met zijn eigen ervaring: dat hij in 1940 als Jood ontslag kreeg: hij was leraar duits, en met nog een docent, Monsieur Blum, moest hij weg. Want Frankrijk had een regering gekregen die met Hitler meedeed. Samen met de oude leraar Blum stak hij het schoolplein over, naar de uitgang, en de andere docenten stonden erbij en keken ernaar; ze zeiden niets, ze lieten deze twee gaan. De choc, de schok van de Shoah, de verbijstering van 1940 – 1945. Onderduiken, Neher zegt: het is struikelen in het donker, blind zijn in de nacht, huiveren als je een blad hoort ritselen, vragen aan de avond wat mij in de morgen, in de dageraad te wachten staat; vragen aan het ochtendgloren, wat de schemering voor mij in petto zal hebben. Steeds de angst, de onzekerheid.

Met het getal zeven verzegelt de Eeuwige Zijn contract, Zijn bondgenootschap; Hij is er in het Verbond. Hij is er in Hasard, in het Toeval. En dan, dat is zo oneindig mooi: Lev. 26 vers 44. dit vers begint met: En zelfs ook dit:  Neher vertaalt: et pourtant, en toch wanneer zij waren in het land van hun vijanden, heb Ik hen niet verworpen, heb Ik geen afkeer van hen gehad om hen ten einde te brengen, om het verbond te ver-breken.  vers 45: Ik heb gedacht aan Mijn verbond

Zeven keer het woord qeri   קרי – toeval en dit woord qeri komt van een woordstam, een werkwoord: qarah קרה waarvan de betekenis is: ontmoeten, tegenkomen. In Hasard, in het Toeval kom je de Eeuwige tegen. Neher zegt dan: er is nooit een afwijzing geweest, God wees Zijn mensen niet af, er was geen minachting: Hij verachtte Zijn volk niet, in wezen geen vloek, maar in het scharnier van Hasard, van Toeval was Hij daar:  het scharnier van Hasard Divin, Goddelijk Toeval en Hasard de l’homme, Toeval van de mens, antwoord van God aan de mens, in de onverklaarbare cirkel van het Verbond, het Verbond dat de gegraveerd is in de herinnering van de Eeuwige.

Neher leest Lev. 26 en zegt dan: Dit alles is geschied. alsof deze Bijbelse bladzijden niet door Mozes geschreven zijn, maar door mij, André Neher, Jood van de twintigste eeuw, als bladzijden van het dagboek van mijn leven tussen 1940 en 1944.

Neher citeert vers 42: Ik zal gedenken Mijn Verbond met Ja ‘aqov en ook Mijn Verbond met Jitschaq en Mijn Verbond met Awraham zal Ik gedenken en het land zal Ik gedenken

Zo mooi: God volgt het spoor terug, van Jakob naar Izaak naar Abraham.

 

Comments (0)

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *